Bron Wikipedia
Neil Percival Young (Toronto, 12 november 1945) is een Canadees singer-songwriter. Hij begon zijn
muzikale carrière in Winnipeg in de jaren 60, waarna hij naar Los Angeles verhuisde. Hier had hij succes met
de band Buffalo Springfield waarna hij zich op solowerk richtte met Crazy Horse. Niet veel later sloot hij zich
aan bij Crosby, Stills & Nash (and Young). Sinds medio jaren 2010 wordt hij bijgestaan door de band Promise
of the Real. Hij bracht tot nu toe 41 studioalbums uit. Het succesvolst was zijn album Harvest uit 1972.
Young is twee keer geïntroduceerd in de Rock and Roll Hall of Fame en heeft meerdere Grammy en Juno
Awards ontvangen. In 2000 plaatste Rolling Stone Young op plaats 34 van hun lijst met 100 grootste
muzikanten. In 2006 kreeg hij de Orde van Manitoba uitgereikt en hij werd officier in de Orde van Canada in
2009.
Neil Young is een zoon van schrijver en journalist Scott Young en diens vrouw Edna “Rassy” Ragland. Hij
werd geboren op 12 november 1945 om kwart voor zeven ’s ochtends in het Toronto General Hospital.[10] Het
gezin woonde toen in een huisje aan Brooke Avenue in het noorden van Toronto. Young kreeg op jonge
leeftijd diabetes. In 1951 leed hij aan de virusziekte polio.
Hij groeide op in Omemee. Op tienjarige leeftijd begon Young een bedrijfje, Neil Eggs. Hij hield kippen en werkte op een golfbaan om het voer te bekostigen. Hij was toen van plan om zich later aan het Ontario Agricultural College te laten opleiden tot boer. Hij had een krantenwijk en stond ’s ochtends vroeg op om The Globe and Mail te bezorgen. Voor het
slapengaan luisterde hij naar de radiozender 1050-CHUM en raakte zo geïnteresseerd in muziek.
In 1958 kreeg Young zijn eerste muziekinstrument: een plastic ukelele, een kerstgeschenk van zijn ouders.[17] Toen hij
twaalf jaar oud was, scheidden zijn ouders en verhuisde hij met zijn moeder naar Winnipeg.
Hij gingachtereenvolgens naar de Earl Grey Junior High School en de Kelvin High School.[19] Daar vormde hij zijn
eerste bandje, The Jades. Andere bandjes waarin hij speelde waren The Esquires, The Stardusters en The
Classics. Zijn eerste succes boekte Young met The Squires, een rock-‘n-rollgroep die verder uit drummer Ken Smyth,
bassist Ken Koblun en slaggitarist Allan Bates bestond. Deze band maakte instrumentale muziek en coverde
popliedjes van onder andere The Shadows. The Squires oefenden een paar keer per week in Smyths
kelder. Young had zelf de versterkers in elkaar gezet. Hij speelde op een oranje Gretsch-gitaar. De band
toerde rond in de auto van Youngs moeder of in de Chrysler van Smyths vader. Bij radio-dj Bob Bradburn
namen ze op 23 juli 1963 onder meer de single The sultan op, die V Records in november 1963 uitbracht.
Het was Youngs eerste opnamesessie en tijdens deze sessie werd ook voor het eerst zijn zang opgenomen, al
bleven The Squires daarna louter instrumentale muziek spelen.
Lees verder op Wikipedia
